Nokia Connecting People Webboek Overzicht | Woordenlijst
   Inleiding      Aan de slag      De telefoon gebruiken      Connectiviteit      Veelgestelde vragen    
   Belangrijkste kenmerken      De telefoon instellen      Tips  
  Automatische toetsblokkering
  Instellingen ontvangen via een OTA-dienst
  Telefoonboek
  Tekstberichten
  Radio
  Veiligheid

Verkeersveiligheid

Gebruiksomgeving

Elektronische apparaten

Mogelijk explosieve atmosfeer

Voertuigen

Noodoproepen
Gebruiksvoorschriften

De meeste moderne elektrische apparatuur is afgeschermd tegen radiofrequentiesignalen (RF-signalen). Bepaalde elektronische apparaten kunnen echter worden beïnvloed door de RF-signalen van je mobiele telefoon.

Pacemakers

Pacemakerfabrikanten raden aan om mobiele telefoons minimaal 20 cm van de pacemaker te houden, om mogelijke storingen van de pacemaker te voorkomen. Deze aanbeveling komt overeen met het onafhankelijke onderzoek door en de aanbevelingen van Wireless Technology Research. Mensen met een pacemaker moeten het volgende doen:
  • de telefoon altijd minstens 20 cm van hun pacemaker houden wanneer de telefoon is ingeschakeld;
  • de telefoon niet in de borstzak dragen;
  • de telefoon altijd aan het oor tegenover de pacemaker plaatsen, om de kans op storingen te minimaliseren;
  • de telefoon ogenblikkelijk uitschakelen wanneer het vermoeden van storingen bestaat.

Hoorapparaten

Sommige digitale mobiele telefoons storen bepaalde hoorapparaten. Als een dergelijke storing optreedt, kun je contact opnemen met de serviceprovider.

Overige medische apparatuur


Het gebruik van apparatuur die radiogolven uitzendt, inclusief mobiele telefoons, kan de functionaliteit van onvoldoende afgeschermde medische apparatuur beïnvloeden. Neem contact op met een arts of de fabrikant van de medische apparatuur om te bepalen of de apparatuur voldoende is afgeschermd tegen externe RF-energie of als je vragen hebt. Schakel de telefoon in medische instellingen uit als hierom wordt verzocht. In ziekenhuizen en andere medische instellingen kan namelijk apparatuur worden gebruikt die gevoelig is voor externe RF-energie.

Voertuigen

RF-signalen kunnen onjuist geïnstalleerde of onvoldoende afgeschermde elektronische systemen in motorvoertuigen beïnvloeden (bijvoorbeeld injectiemotoren, elektronische ABS- en antislipsystemen, elektronische cruisecontrolsystemen en airbagsystemen). Neem voor meer informatie over het voertuig contact op met de fabrikant of de dealer. Neem ook contact op met de fabrikanten van eventuele apparatuur die in het voertuig is geïnstalleerd.

Plaatselijke voorschriften

Schakel de telefoon altijd uit wanneer daarom wordt verzocht.



 
 
© Nokia 2003. Lees onze wettelijke kennisgeving en ons privacybeleid.